
Kerk Herkenbosch
De angstige inwoners van Midden-Limburg vluchtten uit hun huizen, velen nog in hun nachtkleding, en kwamen elkaar op straat tegen. De nacht was pikzwart, aangezien de elektriciteit was uitgevallen. In Herkenbosch waren zandfonteinen uit de grond gespoten, een surrealistisch tafereel dat de vrezen alleen maar vergrootte. Sommigen probeerden wanhopig hun familieleden te bellen, maar de telefooncellen waren bezet. Anderen probeerden via de radio of televisie meer te weten te komen, maar de rampenzender was nog niet in de lucht.
De uren kropen voorbij, en pas toen het eindelijk licht werd, begonnen de mensen zich een beetje meer gerustgesteld te voelen, al bleef de angst hangen. De nacht was niet voorbij: er volgden nog twee schokken, een tweede van 4,8 op de schaal van Richter en een derde die de spanning verhoogde. In de weken die volgden, zou de regio nog meer dan 200 naschokken ervaren, sommige met een kracht van 3,8 Richter. Achteraf gaven sommige bewoners aan dat ze misschien iets hadden kunnen voelen aankomen. De dag voor de beving hing er een vreemde spanning in de lucht. Het weer was ongrijpbaar, met een combinatie van kou en warmte die iedereen in verwarring bracht.
De oorzaak van de beving was de Peelrandbreuk, een barst in de aardkorst die de regio al eeuwenlang beïnvloedt. Niet overal is deze breuk zichtbaar, maar op bepaalde plekken, zoals in het Meinweggebied, kan men een duidelijk hoogteverschil van ongeveer twee meter waarnemen. Dit verschil vormt de basis van de Roerdalslenk, het lage gedeelte, en de Peelhorst, het hogere gedeelte. De bochten van de Maas tussen Linne en Roermond zijn het gevolg van deze breuk, doordat de rivier zich om de Peelhorst slingert. De breuk is nog steeds actief, en meestal verschuift de Roerdalslenk langzaam ten opzichte van de Peelhorst, een beweging die bijna onmerkbaar is. Maar op die noodlottige nacht van 13 april 1992 gebeurde het met een schok, een schok die vele inwoners van de regio nog lang zou bijblijven.
Het was niet de eerste keer dat de Peelrandbreuk zich deed gelden. Al op 26 augustus 1878 had een soortgelijke beving plaatsgevonden, die aan de andere kant van de grens in Duitsland veel schade veroorzaakte. Het epicentrum van de aardbeving van 1992 bevond zich enkele kilometers ten zuidoosten van Roermond, op een diepte van zeventien kilometer. De beving liet een scheur achter langs de Maas bij Leeuwen, een tastbaar bewijs van de kracht die op die donkere aprilnacht losbarstte.